Totaal prognose

Terug naar navigatie - Vitaal en Sociaal Breda - Totaal prognose

Het verwachte financiële resultaat voor het programma Vitaal en Sociaal bedraagt € 0,7 miljoen. Bij de afzonderlijke thema's worden de verschillen toegelicht.

Thema Opgroeien

Terug naar navigatie - - Thema Opgroeien

Afwijkingen en prognose

Terug naar navigatie - Thema Opgroeien - Afwijkingen en prognose

Het te verwachten resultaat van dit thema bedraagt € -1,8 miljoen.

  • Pleegzorg: € 0,3 miljoen 
    Er werd verwacht dat het aantal aanmeldingen van nieuwe pleeggezinnen in 2026 zou toenemen als gevolg van de (landelijk) gevoerde campagnes. Met deze verwachte groei is rekening gehouden in de begroting. In de praktijk blijken de declaraties voor pleegzorg echter stabiel te blijven ten opzichte van voorgaand jaar. Doordat de verwachte stijging uitblijft, ontstaat een resultaat van € 0,3 miljoen.
  • SLT-Wijken Noord en Zuidwest: € -0,3 miljoen 
    Hoewel in deze wijken sprake is van een dalende inzet van jeugdhulp, verloopt deze afbouw geleidelijk en minder snel dan geraamd. Toewijzingen die in 2025 zijn afgegeven, lopen door in 2026 binnen het reguliere traject. Gezien een gemiddelde looptijd van circa 9 maanden is het afname-effect zichtbaar, maar blijft nog achter bij de begroting. Het betreft hier voornamelijk de wijk Zuidwest die per 1 januari 2026 is overgegaan naar het SLT. 
  • Taakstelling Verdergaande afbakening en sturen op toegang jeugdhulp: € -0,9 miljoen
    De taakstelling is begroot voor € 1,5 miljoen. Waarbij we in de prognose verwachten € 0,6 miljoen te realiseren. Hierbij dient te worden opgemerkt dat maatregelen binnen de jeugdhulp een uitgesteld effect hebben. De afgegeven zorg kent een bepaalde looptijd en moet eerst uitvloeien voordat de effecten van beleidsmaatregelen volledig zichtbaar worden in de realisatiecijfers. Het volledige effect van de genomen maatregelen zal zich geleidelijk in de tijd manifesteren.
    Jeugdhulp ambulant: € 0,6 miljoen
    Jeugdhulp ambulant bestaat uit circa 25 verschillende jeugdhulpproducten waarvoor afzonderlijke begrotingen zijn opgesteld. Op basis van de huidige prognose resulteert dit per saldo in een positieve afwijking van € 0,6 miljoen ten opzichte van de begroting. De belangrijkste bijdrage aan dit resultaat komt vanuit het product ambulant individueel waarop een voordelig resultaat van € 0,4 miljoen wordt verwacht. De overige producten samen laten eveneens een voordelig resultaat zien van € 0,2 miljoen. Dit positieve effect wordt met name toegeschreven aan de invoering van het normenkader als onderdeel van de taakstelling.
  • Taakstelling kwaliteitsonderzoek: € -0,7 miljoen
    Als onderdeel van de kwaliteitsonderzoeken wordt jaarlijks een terugvordering van onterecht betaalde zorg begroot van € 1,0 miljoen. Op basis van de gerealiseerde cijfers tot en met april en de verwachting voor de komende maanden wordt naar verwachting € 0,3 miljoen aan zorg teruggevorderd. Hiermee wordt de taakstelling niet volledig gerealiseerd en resulteert dit in een resultaat van € -0,7 miljoen.
  • Taakstelling wachttijden verlengen toegang: € -0,2 miljoen 
    Er is een taakstelling opgenomen van € 0,45 miljoen met betrekking tot het verlengen van wachttijden in de toegang tot de jeugdhulp. Deze taakstelling moet worden gerealiseerd door het afbouwen van inhuurkrachten. In de afgelopen maanden is deze afbouw gedeeltelijk gerealiseerd doordat de druk op de wachtlijst toenam en inzet van inhuurkrachten noodzakelijk bleef. Naar verwachting wordt een deel (€ 0,25 miljoen) van de taakstelling gerealiseerd.
  • Onzekerheid niet beoogde jeugdzorgkosten vanwege verblijf: € PM
    Ten behoeve van de regeling SPUK ‘Niet beoogde jeugdzorgkosten vanwege verblijf’ 2024 en 2025 is landelijk een bedrag van € 60 miljoen in 2026 beschikbaar gesteld. Deze middelen zijn afkomstig uit de algemene uitkering van het gemeentefonds. Voor Breda betekent dit een verlaging van de algemene uitkering (cluster individuele voorzieningen jeugd) van € 0,6 miljoen in 2026.

    Gemeenten kunnen over de jaren 2024 en 2025 een aanvraag indienen voor compensatie van deze uitzonderlijke jeugdzorgkosten. De beoordeling van de aanvragen en de verdeling van de beschikbare middelen vinden plaats in het derde kwartaal van 2026. Indien na beoordeling blijkt dat niet het volledige bedrag van € 60 miljoen benodigd is, vloeit het resterende deel terug naar de algemene uitkering van het gemeentefonds. Hierdoor kunnen gemeenten mogelijk achteraf alsnog gedeeltelijk middelen terugontvangen.

Thema Betrokken zijn

Terug naar navigatie - - Thema Betrokken zijn

Afwijkingen en prognose

Terug naar navigatie - Thema Betrokken zijn - Afwijkingen en prognose

Het te verwachten resultaat van dit thema bedraagt € 0,0 miljoen. 

  • Collectief taxivervoer: € 0,4 miljoen
    Het aantal gereden ritten in de begroting 2026 ligt hoger dan de prognose voor 2026. Dit verschil wordt grotendeels verklaard doordat bij het opstellen van de begroting door de GR Regio West-Brabant onvoldoende rekening is gehouden met de effecten van reeds ingevoerde beleidsmaatregelen, zoals het terugdringen van grootverbruikers en de invoering van de VoorElkaarPas. Deze maatregelen leidden tot een lager gebruik van het collectief taxivervoer. Op basis van de huidige trend gaan we daarom uit van een verwacht financieel resultaat van € 0,4 miljoen.
  • Wmo-Huishoudelijke ondersteuning: € 0,3 miljoen
    Voor Wmo-huishoudelijke ondersteuning is in de begroting uitgegaan van een lichte stijging van het aantal afgegeven voorzieningen. In de praktijk blijkt echter sprake van stabilisatie. Hierdoor wijkt de prognose € 0,3 miljoen af ten opzichte van de begroting.
    Deze ontwikkeling wordt verklaard doordat in de toegang nadrukkelijker wordt ingezet op gesprekken met cliënten over hun eigen mogelijkheden, het benutten van het eigen netwerk en het versterken van de zelfredzaamheid, al dan niet met ondersteuning vanuit het voorliggend veld. Daarnaast bleek dat een deel van de cliënten die zich heeft aangemeld, in staat was om zelf passende alternatieve oplossingen te organiseren.
  • Wmo-Begeleiding: € -0,6 miljoen
    Bij het opstellen van de begroting voor 2026 is de sterke groei van het aantal afgegeven voorzieningen in het tweede en derde kwartaal van 2025 niet voorzien. Hierdoor verwachten we over 2026 een resultaat van € -0,6 miljoen.
    In 2026 zien we dat het aantal voorzieningen stabiliseert. In de prognose is daarom uitgegaan van een stabilisatie van het aantal voorzieningen. We schrijven deze stabilisatie toe aan de maatregelen die voortkomen uit de taakstelling meer contractmanagement. In de gesprekken met zorgaanbieders sturen we steeds gerichter op de gemiddelde duur van trajecten en op afschalings- en uitstroomdoelstellingen. Hiermee verwachten we de doelmatigheid van de ondersteuning verder te vergroten en de kosten op termijn te verlagen.
  • Eigen bijdrage Wmo: € -0,1 miljoen
    De afwijking van € -0,1 miljoen op de inkomsten uit eigen bijdrage Wmo. Er is geen sprake van een inhoudelijke afwijking in beleid en/of uitvoering.

Thema Leren, ontwikkelen en werken

Terug naar navigatie - - Thema Leren, ontwikkelen en werken

Afwijkingen en prognose

Terug naar navigatie - Thema Leren, ontwikkelen en werken - Afwijkingen en prognose

Het te verwachten resultaat van dit thema bedraagt € -2,4 miljoen.

  • Wet Buig: € -1,7 miljoen
    Het nader voorlopig BUIG-budget (2026) is gepubliceerd en bedraagt voor Breda € 90,2 miljoen. Dit bedrag is nagenoeg gelijk aan het eerder toegekende voorlopige budget 2026. De loon-prijscompensatie is hierin nog niet verwerkt. Die volgt pas bij de definitieve vaststelling in oktober. Een prognose van het resultaat, mede op basis van dit nader voorlopige budget en de werkelijke uitkeringslasten en verstrekte loonkostensubsidies over de eerste 6 maanden, laat een tekort zien van ongeveer € 5,7 miljoen.

    Op dit moment is de verwachting dat de loon-prijsindexatie ongeveer 4,4% is. Als we dit toepassen op het voorlopige budget van € 90,2 miljoen dan betekent dit een bijstelling van het budget met bijna € 4 miljoen. Het verwacht tekort van € 5,7 miljoen wordt dan bijgesteld tot een tekort van € 1,7 miljoen. 

    In het eerste halfjaar zien we een lichte stijging van het aantal bijstandsuitkeringen (4.482 per 1 juli 2026 ten opzichte van 4.435 per 1 januari 2026). Op dit moment zien we dat de oorzaak van het tekort voornamelijk komt door 2 redenen:
    • hoger percentage inwoners dat terugkeert in uitkering na baanverlies (< 7 maanden)
    • hogere instroom van jongeren (18-27 jaar), dit is een landelijke trend

      Om de uitstroom naar werk te vergroten worden diverse samenwerkingsprojecten uitgevoerd die gericht zijn op het verlagen van drempels naar werk voor inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt en het ondersteunen van werkgevers. Daarnaast heeft het Rijk in de meest recente meicirculaire structureel extra budget beschikbaar gesteld voor de arbeidsinschakeling van jongeren tot 27 jaar. Dit budget sluit aan bij de nieuwe Wet van school naar duurzaam werk.
  • Breda Werkt: € 0,6 miljoen
    Dit resultaat wordt met name veroorzaakt door ontvangen loonkosten voor baanafspraken, begeleidingskostenvergoeding en ziektekostenvergoeding van het UWV.
  • Capaciteit Participatie & Bestaanszekerheid: € -1,3 miljoen 
    Het personele tekort is vooral incidenteel van aard en kent verschillende oorzaken. Door langdurige ziekte van medewerkers is extra tijdelijke ondersteuning ingehuurd ter voorkoming van overbelasting en het op peil houden van de dienstverlening. Daarnaast zijn projectgelden weggevallen en is een aantal noodzakelijke functies ingevuld. Dit alles leidt tot een resultaat van € -1,5 miljoen waarvan € -0,2 miljoen betrekking heeft op overheadfuncties. Dit is zichtbaar in programma 5.

Thema Thuis

Terug naar navigatie - - Thema Thuis

Afwijkingen en prognose

Terug naar navigatie - Thema Thuis - Afwijkingen en prognose

Het te verwachten resultaat van dit thema bedraagt € 2,7 miljoen. 

  • Beschermd wonen: € 1,3 miljoen 
    Het verwachte resultaat wordt mede verklaard door de toepassing van het voorzichtigheidsbeginsel in de regionale begroting Beschermd Wonen 2026. Daarbij is rekening gehouden met verschillende mogelijke scenario’s. Hieronder volgt een samenvatting van de belangrijkste afwijkingen:
    • Zorg in natura (ZIN): € 0,6 miljoen
      Het aantal afgegeven en lopende voorzieningen blijft achter bij de begrotingsraming die was gebaseerd op de bovengrens van de bandbreedte.
    • Specifieke voorziening hoog complex: € 0,3 miljoen 
      De ontwikkeling van de specifieke voorziening voor de doelgroep hoogcomplexe wordt niet gerealiseerd in 2026. Hierdoor worden de bijbehorende kosten in dit jaar niet gemaakt.
    • Ambulantiseringsmiddelen: € 0,2 miljoen 
       Overgebleven subsidiegelden uit 2024 en 2025 zijn via een verlengingsbeschikking ingezet, waardoor in 2026 geen nieuwe subsidie hoeft te worden verstrekt.
    • Niet-gecontracteerde zorg: € 0,1 miljoen
      De uitgaven vallen lager uit dan geraamd. Dit komt met name doordat de zorgverlening binnen safehouses via gecontracteerde zorg wordt uitgevoerd. Dit was bij het opstellen van de begroting nog niet bekend.
    • Hulpweigeraars: € 0,1 miljoen 
      Het budget wordt ingezet om passende woon- en ondersteuningsvoorzieningen te realiseren voor inwoners die zijn aangewezen op Beschermd Wonen, maar waarvoor nog geen passend aanbod beschikbaar is en/of waarvoor een alternatieve aanpak nodig is (hulpweigeraars). Het budget is in de eerste maanden van 2026 beperkt benut. Hoewel de prognose onzeker blijft, wordt verwacht dat het beschikbare budget niet volledig wordt ingezet.
  • Bijdrage regio aan renovatie/verbouwing vrouwenopvang: € 1,0 miljoen
    De vrouwenopvang is een regionale voorziening waarvoor de gemeente Breda, samen met 13 andere gemeenten, verantwoordelijk is binnen de gemeenschappelijke regeling Geweld in Afhankelijkheidsrelaties (GIA). De gemeente Breda heeft de verbouwing aanvankelijk voorgeschoten en het volledige bedrag toegevoegd aan de reserve vrouwenopvang. Vervolgens heeft Breda de deelnemende gemeenten verzocht om, naar rato van het aantal inwoners, bij te dragen aan de verbouwingskosten. De regio heeft hiermee ingestemd. Dit leidt in 2026 tot een niet-begrote regionale bijdrage van € 1,0 miljoen. Conform de bestuurlijke afspraken in het college vorig jaar wordt deze regionale bijdrage via het jaarrekeningresultaat toegevoegd aan de algemene reserve.
  • Extra middelen vrouwenopvang GR GIA: € 0,4 miljoen 
    De gemeenschappelijke regeling Geweld in Afhankelijkheidsrelaties (GR GIA) heeft een bedrag van € 0,4 miljoen ontvangen bedoeld voor het realiseren van extra opvangplekken in de vrouwenopvang. Op dit moment is nog niet duidelijk op welke wijze, waar en of deze middelen in 2026 daadwerkelijk worden ingezet. De besluitvorming hierover vindt plaats binnen de GR GIA en is afhankelijk van nadere uitwerking en afstemming in regionaal verband. Indien de middelen in 2026 niet worden besteed, blijven deze beschikbaar binnen de GR GIA voor inzet op een later moment ten behoeve van de vrouwenopvang.

Thema Leven

Terug naar navigatie - - Thema Leven

Afwijkingen en prognose

Terug naar navigatie - Thema Leven - Afwijkingen en prognose

Het te verwachten resultaat voor dit thema bedraagt € 0,0 miljoen.

  • Sportbeleid
    Gelet op de benodigde voorbereiding, beoordeling en besluitvorming lijkt de realisatie van de blaashal voor de komende winterperiode niet realistisch. Ook de levertijd van de blaashal en de doorlooptijd van het vergunningsproces maken realisatie binnen deze termijn niet haalbaar. Met de initiatiefnemers vindt hierover goed en regelmatig overleg plaats. De gereserveerde middelen worden daarom naar verwachting niet geheel uit de reserve onttrokken in 2026.

Thema Ontmoeten

Terug naar navigatie - - Thema Ontmoeten

Afwijkingen en prognose

Terug naar navigatie - Thema Ontmoeten - Afwijkingen en prognose

Het verwachte resultaat van dit thema bedraagt € 2,2 miljoen.

  • Op de bekostigingsregeling Ontheemden Oekraïne wordt een positief resultaat van circa € 0,8 miljoen verwacht. Door diverse besparingen, waarvan lagere cateringkosten de belangrijkste is, blijven de uitgaven binnen de door het Rijk beschikbaar gestelde normvergoeding. De lagere cateringkosten hangen samen met de ingebruikname van de kookzaal met 48 keukens in De Koepel begin dit jaar. Deze eenmalige investering stelt bewoners in staat zelf maaltijden te bereiden en leidt daardoor tot een structurele besparing op de cateringkosten.
  • Ook op de bekostigingsregeling huisvesting vergunninghouders in een doorstroomlocatie wordt een positief resultaat van circa € 0,8 miljoen verwacht. De gerealiseerde uitgaven blijven naar verwachting lager dan de normvergoeding die hiervoor door het Rijk wordt verstrekt.
  • Voor opvanglocatie Het Koetshuis wordt een positief resultaat van circa € 0,3 miljoen verwacht. De kosten voor beveiliging en sociaal beheer bedragen in 2026 circa € 0,5 miljoen. Deze hogere kosten sluiten aan bij het kostenniveau van voorgaande jaren. Daartegenover staat € 0,8 miljoen aan inkomsten uit de HAR+-regeling voor de in 2025 en 2026 beschikbaar gestelde opvangplaatsen. De regeling vergoedt maximaal één jaar € 30.000 per plek voor tijdelijke huisvesting van statushouders in onzelfstandige woonruimte of via woningdelen. De inkomsten zijn afhankelijk van de doorstroom naar reguliere huisvesting en kunnen daardoor per jaar fluctueren.
  • Tot slot is de Specifieke Uitkering Spreidingswet ontvangen (€ 0,3 miljoen), Gemeenten ontvangen deze uitkering achteraf voor realiseren en in stand houden van bijzondere opvangplekken. In 2026 staan hier geen directe kosten tegenover, waardoor de volledige bijdrage als positief resultaat wordt verwacht.