Toelichting EMU-saldo

Bedragen x € 1.000
EMU-saldo
31/12/2022
31/12/2023
31/12/2024
31/12/2025
EMU-saldo Gemeente Breda
20.806
-33.457
-14.157
6.420
Referentiewaarde Gemeente Breda
-25.708
-28.985
-38.674
-44.502
Verschil EMU-saldo en referentiewaarde
46.514
-4.472
24.517
50.922

Het EMU-saldo is het saldo van inkomsten en uitgaven met derden van de gemeente op transactiebasis in een bepaalde periode. Het EMU-saldo geeft aan of er in een bepaald jaar met reële transacties meer geld uitgegeven is dan er in dat jaar is binnengekomen of dat er netto geld overgehouden is. Het EMU-saldo is daarmee een indicatie voor de ontwikkeling van de liquiditeits- en financiële positie (eigen vermogen en schulden) van de gemeente.

Het EMU-saldo van één jaar zegt relatief weinig. Een structureel negatief EMU-saldo is echter wel reden tot zorg. Dit geeft aan dat de gemeente jaar-op-jaar meer geld uitgeeft dan de gemeente ontvangt. Andersom is het ook onwenselijk dat het EMU-saldo enkele jaren op rij een flink positief saldo vertoont. Dit geeft immers aan dat de gemeente mogelijk onnodig geld oppot, terwijl het geld besteed kan worden aan voorzieningen in de gemeente.

Het EMU-saldo vervult een rol bij de afspraken die in Europees verband zijn gemaakt over het toegestane maximale tekort ervan op nationaal niveau om de overheidsfinanciën in de Eurozone robuust te houden. Het Rijk en de decentrale overheden spraken af een macro EMU-norm van -0,4% van het bruto binnenlands product per jaar te hanteren. Dit betekent dat de lokale overheden samen in hun uitgaven de inkomsten niet meer dan 0,4% mogen overschrijden. Het aandeel voor gemeenten hierin is 0,27%. 

Voor elke individuele gemeente geldt een referentiewaarde. Dit betreft geen norm, maar een indicatie van het aandeel dat een gemeente in de gezamenlijke tekortnorm heeft. Voor de gemeente Breda geldt voor 2025 een referentiewaarde van € -44,5 miljoen.

Bij de gemeente kunnen zich 4 scenario’s voordoen. Hierbij wordt benadrukt dat het bij het beoordelen van de scenario’s vooral gaat om de meerjarige ontwikkeling van het EMU-saldo.

Het EMU-saldo is positief:

  • De gemeente krijgt via reële transacties meer geld binnen dan dat ze uitgeeft. Dit schept ruimte om schulden af te lossen, te sparen en de reservepositie te verhogen. Daarmee draagt de gemeente positief bij aan het EMU-saldo van Nederland.

Het EMU-saldo grenst aan 0:

  • De gemeente krijgt via reële transacties ongeveer evenveel geld binnen als dat er wordt uitgegeven.

Het EMU-saldo is negatief:

  • De gemeente geeft via reële transacties meer geld uit dan dat er binnenkomt. De gemeente moet schulden maken, leningen aantrekken of het gespaarde geld aanspreken. Ook kan het zijn dat het eigen vermogen (reserves) afneemt. Hierdoor draagt de gemeente negatief bij aan het EMU-saldo van Nederland.
    • Maar blijft onder de referentiewaarde: aangezien het EMU-saldo onder de referentiewaarde valt, is de bijdrage van de gemeente aan het EMU-saldo geen aandachtspunt mits de andere overheden zich ook aan hun referentiewaarden houden. 
    • En overschrijdt de referentiewaarde: aangezien het EMU-saldo boven de referentiewaarde uitstijgt, is de bijdrage van de gemeente aan het landelijke EMU-saldo een aandachtspunt. Een of meer andere overheden moeten onder hun referentiewaarde blijven om ervoor te zorgen dat de Nederlandse overheid als geheel onder de EMU-norm van 3% blijft.

Het EMU-saldo van de gemeente Breda is eind 2025 positief (€ 7,2 miljoen) en dus ruim boven de referentiewaarde van € -44,5 miljoen. Dit betekent dat de bijdrage van de gemeente Breda aan het landelijk EMU-saldo geen specifiek aandachtspunt is.